De Oude Pattaya-Ridder Na de Massage

Gepubliceerd op 6 juni 2026 om 07:30

Iedereen die ooit op een warme middag over Beach Road in Pattaya heeft gelopen, kent het beeld.
De zon hangt fel boven de boulevard. De lucht trilt boven het asfalt. Brommers slingeren langs taxi’s, verkopers roepen hun prijzen en ergens uit een open bar klinkt een klassieker uit de jaren tachtig die al langer in Pattaya rondhangt dan sommige expats zelf. Het is zo’n middag waarop zelfs de honden in de schaduw blijven liggen en niemand vrijwillig meer beweegt dan strikt noodzakelijk is.

En dan gaat er een deur open.

Een smalle deur naast een massagesalon met roze tl-licht, vergeelde prijslijsten en een rij plastic slippers bij de ingang. Op het raam hangen posters van jonge vrouwen die er op de foto veel uitgeruster uitzien dan de echte masseuses binnen. Er staat “Oil Massage”, “Body Massage” en “Special Service” in net iets te vrolijke letters op het bord.

Uit die deur verschijnt hij.

De Pattaya Old Boy.

Hij kwam een uur eerder binnen met de zelfverzekerde tred van een man die zichzelf nog altijd als een internationale verleider ziet. Shirt open, buik vooruit, zonnebril in het haar, huid rood van de zon en een glimlach die vooral in zijn eigen hoofd charmant was. Hij liep de salon binnen alsof hij net een privéclub betrad waar vrouwen al de hele dag op hem zaten te wachten.

In werkelijkheid kwam er een bezwete gepensioneerde binnen met verbrande schouders, stijve knieën, een te korte broek en een portemonnee vol verkreukelde bahtbiljetten.

Maar Pattaya leeft van fantasie.

Dus niemand zei dat hardop.

Bij de ingang zat een Thaise masseuse op haar telefoon te kijken. Ze keek op, glimlachte professioneel en vroeg welke massage hij wilde. Hij wees op het bord, maakte een flauwe opmerking en keek erbij alsof hij een geheime code had uitgesproken. Zij had die code die week waarschijnlijk al dertig keer gehoord.

“Oil massage?” vroeg ze.

Hij knikte langzaam, alsof hij in een film zat.

Binnen rook het naar babyolie, Tiger Balm, oud gordijnstof en airco die al jaren te hard moest werken. Achter een dun gordijn stond een smalle matras. Er lag een handdoek klaar. Een ventilator draaide in de hoek en maakte precies genoeg lawaai om gênante stiltes te bedekken, maar niet genoeg om de werkelijkheid romantisch te maken.

Hij kleedde zich uit met de ernst van een man die dacht dat dit moment indruk maakte.

Dat deed het niet.

Voor haar was hij geen mysterieuze minnaar. Geen zilveren vos. Geen rijpe Casanova met levenservaring. Hij was klant nummer zoveel. Een man die waarschijnlijk straks te veel zou praten, te hard zou kreunen bij een gewone kuitmassage en achteraf zou denken dat hij onweerstaanbaar was geweest.

Ze deed olie op haar handen.

Hij ging liggen.

Daar begon de strijd.

Niet de strijd van passie, maar de strijd van zijn lichaam tegen de gevolgen van leeftijd, alcohol, zon en jarenlang te weinig rekken. Zijn rug voelde als een oud tuinhek. Zijn schouders zaten vast alsof iemand er beton in had gegoten. Zijn kuiten waren zo hard dat ze eerder op bouwmateriaal leken dan op spieren.

Wanneer zij druk zette, kwam er een geluid uit hem dat hij waarschijnlijk sensueel bedoelde.

Het klonk niet sensueel.

Het klonk alsof iemand een oude luchtmatras leeg liet lopen.

Zij zei niets.

Dat was haar kracht.

Ze wist precies hoe dit ging. Mannen kwamen binnen met fantasieën. Ze wilden zich begeerd voelen. Jonger. Sterker. Belangrijker. Ze wilden geloven dat de glimlach aan de deur iets persoonlijks was. Dat het zachte “hello handsome” iets betekende. Dat de vrouw die hun stijve rug masseerde, ondertussen diep onder de indruk was van hun charme, hun horloge of hun verhalen over vroeger.

Maar zij was aan het werk.

Terwijl haar handen over zijn rug gleden, dacht ze niet aan romantiek. Ze dacht aan huur. Aan benzine. Aan de telefoonrekening. Aan haar moeder die vroeg of ze deze maand iets extra kon sturen. Aan de scooter die ze wilde kopen. Een Honda Click, tweedehands misschien, maar van haarzelf.

Hij probeerde intussen sfeer te maken.

Hij vertelde dat hij uit Europa kwam. Dat hij met pensioen was. Dat hij vroeger veel sportte. Dat hij Thailand beter begreep dan de meeste toeristen. Dat hij geen gewone farang was. Dat zei hij waarschijnlijk al twintig jaar tegen iedereen die betaald werd om te luisteren.

Zij knikte.

Niet omdat hij interessant was.

Omdat knikken bij de prijs inbegrepen zat.

Na een tijdje draaide hij zich half om en probeerde haar aan te kijken met een blik die hij zelf waarschijnlijk verleidelijk vond. Zijn gezicht glom van de olie. Zijn haar plakte op zijn voorhoofd. Eén kant van zijn gezicht had een afdruk van de handdoek. Zijn buik lag ongelukkig tussen hem en zijn zelfbeeld in.

Hij dacht dat hij ontspannen en mannelijk oogde.

Zij zag een man die elk moment om een extra kussen kon vragen.

Toch bleef hij in zijn fantasie.

Dat is het bijzondere aan Pattaya. De stad verkoopt geen leugens aan mensen die niets willen geloven. Ze verkoopt leugens aan mensen die er zelf al klaar voor staan. Deze man wilde geen gewone massage. Hij wilde bevestiging. Hij wilde voelen dat hij nog meetelde. Dat zijn lichaam nog bewondering kon oproepen. Dat zijn geld niet alleen een dienst kocht, maar ook een klein stukje jeugd.

En daar lag de tragedie.

Want wat hij zag als een avontuurlijke ontsnapping, was voor haar gewoon een uur fysiek werk in een warme kamer met een man die te veel olie nodig had en te weinig zelfkennis bezat.

Ze masseerde zijn benen. Zijn hamstrings protesteerden alsof ze sinds 1998 niet meer waren aangeraakt. Hij kreunde opnieuw. Langer deze keer. Te theatraal. Alsof hij dacht dat zij dat prettig vond om te horen.

Zij keek even naar het plafond.

Achter haar mondkapje kon niemand zien dat ze bijna gaapte.

Misschien was dat maar beter ook.

Toen het einde van de sessie naderde, kwam zijn grote moment van zelfoverschatting. Hij probeerde nog een opmerking te maken. Iets half grappigs, half suggestiefs. Zo’n zin die mannen gebruiken wanneer ze niet zeker weten of ze charmant zijn, maar hopen dat geld het verschil maakt.

Zij glimlachte beleefd en zei niets concreets terug.

Dat had hij kunnen begrijpen.

Hij begreep het niet.

In zijn hoofd was de spanning nog steeds echt. In haar hoofd was ze al bij de volgende klant.

Toen ze klaar was, tikte ze licht op zijn schouder.

“Finished.”

Dat ene woord haalde meer fantasie uit de kamer dan een open gordijn ooit had gekund.

Nu moest hij opstaan.

En daar begon het echte drama.

Eerst rolde hij naar één kant. Toen bleef hij even liggen, alsof hij overwoog om zijn lichaam achter te laten en alleen zijn geest naar de receptie te sturen. Daarna zette hij één voet op de grond. Zijn knie kraakte. Zijn onderrug stuurde een klacht naar het hoofdkantoor. Zijn hand zocht steun aan de muur.

Uiteindelijk stond hij.

Glinsterend.

Niet op een aantrekkelijke manier. Meer zoals een stuk kipfilet dat te lang in marinade heeft gelegen.

Hij trok zijn kleren aan, maar niets werkte mee. Zijn shirt plakte aan zijn rug. Zijn korte broek bleef haken. Zijn slippers maakten een vochtig geluid op de vloer. Hij keek in het kleine spiegeltje aan de muur en zag waarschijnlijk nog iets van de man die hij dacht te zijn.

De spiegel zag iets anders.

Aan de balie haalde hij geld uit zijn zak. Een paar biljetten, slap van zweet en olie. Hij legde ze neer alsof hij een royaal gebaar maakte. Zij nam ze aan met een glimlach.

“Thank you, sir.”

Daar gebeurde het weer.

Hij hoorde “sir” en voelde zich gerespecteerd.

Zij bedoelde: betaling ontvangen.

Buiten sloeg het daglicht hem vol in het gezicht. Geen zachte neon. Geen gordijn. Geen airco. Geen fantasie. Alleen de harde middagzon van Pattaya, die elk spoor van romantiek onmiddellijk verdampte.

Hij knipperde.

Daar stond hij dan.

Een oude farang op slippers, glimmend van de olie, ruikend naar Tiger Balm, babyolie en twijfelachtige keuzes. Zijn schouders waren rood en aan het vervellen. Zijn haar zat plat. Zijn overhemd stond open op een manier die niet vrijgevochten was, maar medisch zorgelijk. Hij bewoog langzaam, alsof de massage hem niet jonger had gemaakt, maar juist officieel had bevestigd dat zijn garantieperiode voorbij was.

Toch liep hij met een soort trotse traagheid de stoep op.

In zijn hoofd had hij zojuist iets spannends meegemaakt. Iets ondeugends. Iets dat hij later misschien met een halve glimlach zou aanduiden aan de bar. Hij zou zeggen dat hij “een goed adresje” kende. Hij zou een biertje bestellen en doen alsof hij een geheim droeg dat jongere mannen nog moesten ontdekken.

Maar vanaf de overkant zag het er anders uit.

Een man die de fontein van de jeugd zocht en naar buiten kwam als een archeologische vondst met zonnebrandcrème.

Een man die dacht dat hij een vrouw had verleid, terwijl zij vooral had uitgerekend hoeveel van dit soort middagen nog nodig waren voor de aanbetaling op haar scooter.

Een man die dacht dat Pattaya hem begeerde, terwijl Pattaya hem alleen had gefactureerd.

En misschien is dat de hele les.

Pattaya geeft mannen niet altijd wat ze nodig hebben. Vaak geeft de stad ze precies wat ze willen geloven. Een glimlach. Een bijnaam. Een donker kamertje. Een beetje olie. Genoeg aandacht om het ego tijdelijk overeind te houden. Niet genoeg waarheid om er wijzer van te worden.

Binnen legde de masseuse de handdoek weg. Ze waste haar handen. Ze keek kort op haar telefoon. Misschien een bericht van thuis. Misschien een foto van haar kind. Misschien de prijs van een tweedehands Honda Click.

Daarna ging de bel bij de deur.

Nieuwe klant.

Ze ademde één keer uit, zette haar glimlach terug op haar gezicht en liep naar voren.

Buiten schuifelde de oude Pattaya-ridder verder richting Beach Road. Zijn rug iets rechter dan daarvoor, zijn fantasie nog net intact, zijn lichaam volledig in protest. Hij dacht misschien dat hij een verhaal had om te bewaren.

Maar de waarheid liep naast hem mee, zichtbaar voor iedereen behalve hemzelf.

Hij was geen Casanova.

Hij was geen zilveren vos.

Hij was gewoon een man die voor één uur had betaald om niet te hoeven voelen hoe oud hij werkelijk was geworden.