Cù Lao Câu, ook bekend als Hon Cau, ligt op ongeveer tien kilometer van het vasteland en voelt als een wereld op zichzelf. Geen resorts, geen drukke boulevards, maar een strook wit zand tussen grillige rotsen en felblauw water. Zodra de boot vertrekt en het vasteland langzaam verdwijnt, maakt de drukte plaats voor stilte.
Het eiland is klein en grotendeels onbewoond. Slechts enkele vissers verblijven hier tijdelijk. Het landschap bestaat uit kalkstenen rotsen die door wind en zee zijn gevormd tot bijzondere sculpturen. Tussen deze rotsen liggen beschutte strandjes waar het water opvallend helder is.
Onder water minstens zo bijzonder
Rondom het eiland liggen koraalriffen met kleurrijke vissen en zeeleven. Snorkelen is hier de belangrijkste activiteit. Het zicht onder water is bij kalme zee uitzonderlijk goed, waardoor je eenvoudig het rif en de verschillende vissoorten kunt observeren.
Omdat het eiland beschermd natuurgebied is, zijn voorzieningen beperkt. Dat draagt bij aan het pure karakter. Bezoekers nemen vaak zelf eten en drinken mee en keren dezelfde dag terug naar het vasteland.
Voor wie rust zoekt
Cù Lao Câu is geschikt voor reizigers die de gebaande paden willen verlaten. Het is geen bestemming voor luxe, maar voor eenvoud. Een plek waar de horizon leeg is, het water zacht tegen de rotsen slaat en de tijd nauwelijks lijkt te bewegen.
Wie Vietnam vooral kent van steden en rijstvelden, ontdekt hier een andere kant van het land. Open zee, stilte en natuur in haar meest eenvoudige vorm.